
De route naar anesthesioloog-pijnspecialist was allesbehalve rechtlijnig. Bedrijfskunde, Spaans in Spanje, consulting werk op Curaçao, duikinstructeur — geneeskunde stond pas op de radar na een reanimatie die alles verschoof.
Mensen helpen met vaardigheden die ik heb of kan leren , daar zat voor mij zingeving waar andere paden dat niet gaven. Terug naar Nederland, bijscholen, tweede studie, leren, reizen, anesthesiologie, en uiteindelijk subspecialisatie pijn.
Die omweg blijkt achteraf geen omweg. Bedrijfskunde leert systemen analyseren: waarom gezondheidszorg pijn reduceert tot weefselschade en symptoombestrijding, ondanks neurowetenschappelijk bewijs voor andere mechanismen.
Duikinstructeur zijn leert complexe veiligheidsconcepten uitleggen aan mensen met verschillende achtergronden. Lesgeven tijdens de geneeskundeopleiding - reanimatiecursussen, fysiologie voor medestudenten - versterkt die vaardigheid.
Deze ervaring blijkt nuttig bij het vertalen van nieuwe neurowetenschappelijke concepten voor collega's, geïnteresseerden, of mensen met pijn.
Reiservaringen leren dat veel van wat als "natuurlijke beperkingen" wordt gepresenteerd, cultureel geconstrueerd is. Vrouwen in hun zeventiger die op hun hurken zitten. Mensen die hun hele leven op flip-flops lopen zonder 'instabiliteit'. Wat als natuurlijke beperking wordt gepresenteerd, blijkt vaak cultureel geconstrueerd—observaties die vormgeven hoe ik naar beweging en pijn kijk.

Reizen leerde vertrouwen—op mezelf, op vreemden, op menselijk vermogen. Dat vertrouwen bepaalt hoe patiënten benaderd worden: niet als kwetsbare ontvangers van instructies, maar als mensen die complexiteit aankunnen.
Inmiddels werk ik zo'n vijftien jaar klinisch als anesthesioloog-pijnspecialist, de laatste tijd gecombineerd met het ontwikkelen van educatief online materiaal
Kliniek genereert vragen, literatuur biedt mechanismen, schrijven dwingt tot synthese. Het doel is niet protocollen of "doe dit, niet dat"-lijsten produceren, pijn is te individueel, te context-afhankelijk voor kookboekgeneeskunde.
Het doel is de kloof dichten tussen wat pijnwetenschap laat zien en wat mensen (patiënten, collega's) daadwerkelijk te horen krijgen en kregen.
Veel pijnuitleg is ofwel te simplistisch ("je rug is versleten") ofwel te vaag ("het zit tussen je oren").
'Mechanistisch begrip’ biedt een middenweg: hoe centrale sensitisatie werkt, waarom stress pijn moduleert, hoe het brein sensorische input integreert met verwachtingen. Niet omdat mechanismen het hele verhaal vertellen, maar omdat ze helpen navigeren door de kakofonie aan tegenstrijdige informatie over pijn.
De artikelen hier gebruiken andere taal dan standaard patiëntencommunicatie — niet uit elitarisme, maar omdat dit respect voor lezers betekent: uitleggen, niet dumbdownen. De onderwerpen zijn complex. Vereenvoudiging leidt tot misverstanden.
Dit is geen poging om mensen te overtuigen van specifieke behandelingen. Dit is een poging om snelle ontwikkelingen in pijnwetenschap — kennis die nog niet in alle tekstboeken staat —toegankelijk te maken voor mensen die ervan kunnen profiteren.
Pijnwetenschap is neurowetenschap in beweging: kennis die beweegt, evolueert, en zich aanpast.
