marjos verbeek selfie hanoi





De Aziatische squat en de afspraak die wij met ons lichaam maakten

Reizend door zuid oost azie met mijn zoon viel het me op dat de 'aziatische squat' overal aanwezig lijkt.

"Hebben die mensen geen rugklachten?", dacht ik terwijl ik de loodzware manden zag die ze in Nepal met een hoofdband torsten. "Hier hebben ze geen si klachten", dacht ik terwijl ik ze laaggehurkt aan hun Phở of koffie zag slurpen. Of ze gaan er anders mee om?

Terug op mijn Nederlandse spreekuur vraag ik een 60-jarige patiënt: "Kunt u eens hurken?"

"Kan ik niet."

Geen poging. Geen "lastig, maar..". Gewoon: Kan ik niet. Alsof ik vroeg of ze kon vliegen.

Een half jaar tevoren had ik in Hanoi een 70-jarige marktvrouw gezien, gehurkt tussen haar groenten, urenlang. Opstaan, iets pakken, weer hurken. Als vanzelf.

Ik probeerde mezelf op die Vietnamese plastic stoeltjes te vouwen - 20 centimeter hoog, knieën bij mijn oren. Naast mijn angst om t stoeltje te pletten voelde ik mijn heupen protesteren. Mijn enkels ook. Zo ook mn bovenbenen en mn gevoel van ongemak een reus in de breedte te zijn in dit land.
Ik voel spanning opbouwen waar Vietnamese mensen gewoon... zitten. Voor hen geen oefening, geen stretchen, gewoon hoe stoelen daar zijn.

En dat "kan ik niet" van mijn patiënten begint anders te klinken.

Het is geen medische diagnose. Het is een culturele afspraak over wat lichamen op welke leeftijd (niet meer) horen te kunnen. Ergens tussen kleuterschool en pensioen hebben we collectief besloten dat op de grond zitten iets voor kinderen is. Dat hurken raar is. Dat je rug op je zestigste gewoon "op" mag zijn. Terwijl er niks op is.

Die Vietnamese marktvrouw heeft in ieder geval die afspraak nooit gemaakt.

Pijn als cultuurgebonden grens

Natuurlijk hebben Vietnamezen rugklachten. Natuurlijk kennen ze pijn. Maar de vraag is: welke pijn?

In mijn praktijk zie ik rugklachten vaak bij mensen die decennia in dezelfde stoel hebben gezeten. Acht uur per dag, vijf dagen per week, veertig jaar lang. Het SI-gewricht krijgt decennialang statische belasting in dezelfde houding. Heupen verliezen bewegingsruimte die nooit meer nodig is — tot het moment dat ze wél nodig blijkt. .

En dan, op een dag, bukt iemand zich om een kleinkind op te tillen en schiet de rug vast.

"Ouderdom," zegt de patiënt.

Maar is het dat?

Die marktvrouw wisselt de hele dag tussen hurken, knielen, staan, lopen. Haar SI-gewricht kent vele posities, vele belastingspatronen. Haar heupen hebben hun bewegingsmogelijkheden behouden omdat ze die elke dag nodig heeft - niet voor fitness, gewoon om te leven.

Misschien is het niet ouderdom die mijn Nederlandse patiënt beperkt. Misschien is het vijftig jaar stoelcultuur.


Wat we kwijtraken zonder het te merken


Kinderen kunnen hurken. Peuters zitten uren in diepe squat te spelen. Die mobiliteit is er, biologisch.

Maar Nederlandse kinderen gaan naar school. Stoeltjes, eerst klein, dan groter. Thuiswerken aan tafel. Gamen op de bank. Tegen de middelbare school is de diepe squat al ongemakkelijk. Tegen 25 jaar "kan ik niet meer."

Niemand heeft ze geleerd dat het niet kan. Ze hebben het verloren? Use it or lose it, maar zo geleidelijk dat het onzichtbaar is.

In Vietnam zitten kinderen op lage krukjes, helpen op de markt, eten gehurkt bij streetfood kraampjes. De squat blijft onderdeel van het bewegingsrepertoire. Niet omdat het gezond zou zijn - gewoon omdat de wereld om hen heen het vraagt.

En dan, op 70 jaar, kan de een nog steeds hurken en zegt de ander "kan ik niet" - en we noemen dat laatste ouderdom.


De grens tussen "kan niet" en "heb nooit hoeven kunnen"


Wat me het meest raakte was niet het hurken zelf. Het was de vanzelfsprekendheid ervan.

Vietnamese mensen denken niet na over hun squat. Ze doen het gewoon. Er is geen concept van "flexibiliteit oefeningen" of "mobility work" - het is hoe lichamen bewegen in hun omgeving.

Mijn "kan ik niet" patiënten hebben ook geen concept - maar dan omgekeerd. Natuurlijk kunnen ze niet hurken. Dat is toch logisch op hun leeftijd?

En misschien is dat de meest interessante grens: niet de biomechanische, maar de conceptuele. Wat we verwachten dat lichamen kunnen of niet kunnen vormt wat ze uiteindelijk doen of niet doen.

Pijn werkt hetzelfde. Als we collectief afspreken dat rugpijn op je zestigste normaal is, wordt het een self-fulfilling prophecy. We bewegen voorzichtiger, vermijden posities, verliezen capaciteit, en bevestigen onze verwachting: zie je wel, rug gaat kapot met de jaren.

Maar wat als de Vietnamese marktvrouw gelijk heeft - niet door wat ze doet, maar door wat ze wellicht nooit heeft gedacht?




marjos verbeek selfie hanoi

 © 2026 Marjos Verbeek - HC Medical Services